My MSD
Animal Health

Kies uw diersoorten (min. 1)

Coccidiose

Coccidiose komt wereldwijd bij pluimvee voor en wordt veroorzaakt door ééncellige parasieten waarvan de meeste tot het geslacht Eimeria behoren. Eimeria soorten van de kip zijn gastheerspecifiek en tasten allemaal een specifieke regio van het maagdarmstelsel aan. De symptomen die ze veroorzaken zijn vooral te wijten aan de schade die ze toebrengen aan het slijmvlies van de darm. Het economische belang van coccidiose bij kippen is zeer groot.

Oorzaak en voorkomen

Coccidiose bij pluimvee wordt veroorzaakt door Eimeria soorten, ééncellige parasieten die de darm aantasten.

Allen doorlopen meerdere ontwikkelingsstadia in de darmwand. De ontwikkelingscyclus eindigt met de vorming van oöcysten die met de mest in de buitenwereld worden uitgescheiden.

Oöcysten zijn bijzonder resistent. Ze overleven zeer lang in de omgeving en zijn zeer weinig gevoelig aan ontsmettingsmiddelen maar zijn wel gevoelig aan ammoniak.

De Eimeria soorten zijn gastheerspecifiek: coccidiose bij diverse pluimveesoorten (kippen, kalkoenen, ...) wordt dus door verschillende Eimeria’s veroorzaakt.

Bovendien vermeerderen de diverse Eimeria soorten slechts in bepaalde delen van de darm ze hebben elk een vrij eng weefseltropisme.

Bij de kip zijn er op zijn minst 8 verschillende Eimeria soorten die coccidiose veroorzaken. Ze tasten daarbij volgende delen van de darm aan (Figuur 1):

  • E. acervulina: Eerste deel van de dunne darm
  • E. praecox: Eerste deel van de dunne darm
  • E. mivati: Eerste deel en midden van de dunne darm
  • E. necatrix: Midden van de dunne darm
  • E. maxima: Midden van de dunne darm
  • E. mitis: Midden- en laatste deel van de dunne darm
  • E. brunetti: Laatste deel van de dunne darm, soms uitbreiding tot en met cloacaE. tenella: Caeca.

De Eimeria soort(en) waarmee het dier is geïnfecteerd zal bepalend zijn voor:

  • De localisatie van de letsels
  • Het uitzicht van de letsels
  • De grootte, vorm en kleur van de oöcysten

De immuniteitsopbouw: er bestaat weinig of geen kruisbescherming tussen de verschillende soorten.

Coccidiose komt wereldwijd voor en geeft vooral problemen wanneer kippen op de grond gehouden worden.

Gekoloniseerd door coccidiën

Figuur 1: Het deel van de darmen dat wordt gekoloniseerd door coccidiën is afhankelijk van de species. Hier wordt het gebied weergegeven dat wordt gekoloniseerd door Eimeria tenella (A), E. necatrix (B), E. acervulina (C), E. brunetti (D), E. maxima (E) en E. mitis (F) (door Dr. G. Constantinescu).

Ziekteverloop

  • Oöcysten komen op de volgende manieren tot bij de kippen:
    • Oöcysten die nog in de stal aanwezig zijn vanuit vorige ronde. Dit is erg belangrijk aangezien oöcysten bijzonder resistent zijn
    • Direct contact met de mest van besmette toomgenoten
    • Indirect contact met de mest van besmette dieren, bijvoorbeeld via bezoekers die eerder op een besmet bedrijf waren of via gecontamineerde materialen.
  • Na uitscheiding moeten de oöcysten in de mest nog 1-3 dagen rijpen alvorens ze infectieus worden.
  • Wanneer uitgerijpte oöcysten door een gevoelige kip worden opgenomen, start een volledige ontwikkelingscyclus van de parasiet. Deze zal in de darmwand verschillende ontwikkelingsstadia doorlopen. De cyclus eindigt met de uitscheiding van nieuwe oöcysten in de mest vanaf 4-7 dagen na de oorspronkelijke besmetting.
  • Op deze manier leidt de opname van 1 infectieuze oöcyste tot de vorming van tienduizenden tot zelfs honderdduizenden nieuwe oöcysten die op hun beurt nieuwe infecties teweeg kunnen brengen. Het is dan ook niet verwonderlijk dat coccidiose in een groep kippen een explosief verloop kan vertonen
  • De mate waarin coccidiose symptomen veroorzaakt is afhankelijk van veel factoren, waaronder genetica van de gastheer, voeding, andere infecties die tezelfdertijd optreden, de graad van beschermende immuniteit die de kip eventueel al genoot en het deel van de darm waarin bepaalde ontwikkelingsstadia plaatsvinden. Van overwegend belang zijn de Eimeria soort en de hoeveelheid oöcysten die werd opgenomen: hoe meer opgenomen oöcysten, hoe groter de darmschade en hoe erger de klinische symptomen.. De zwaarste problemen worden gezien bij infecties met E. maxima, tenella, brunetti en necatrix.
  • Zoals bij veel parasitaire ziekten is coccidiose een probleem dat voornamelijk voorkomt bij jonge dieren die nog geen immuniteit opbouwden. Na infectie bouwen de dieren snel immuniteit op. Er is echter weinig of geen kruisimmuniteit tussen de verschillende Eimeria species.
  • Coccidiose-parasieten komen zo goed als op alle pluimveebedrijven voor maar de ergste klinische problemen manifesteren zich wanneer een grote hoeveelheid uitgerijpte oöcysten wordt opgenomen door een gevoelig dier.

Symptomen

De ergste symptomen worden gewoonlijk gezien bij kippen tussen 4 en 8 weken oud en zijn afhankelijk van de Eimeria soorten waarmee de dieren worden geïnfecteerd. Menginfecties komen vrij vaak voor.

  • Deze soort veroorzaakt meestal een ernstige acute infectie bij jonge dieren
  • Hoog percentage zieke dieren en veel sterfte.
  • Vrij ernstig, typisch ziektebeeld:
    • Symptomen worden zichtbaar vanaf 3 dagen na de infectie
    • Geen eetlust, lusteloosheid, samentroepen
    • Bloed in de mest vanaf 4-8 dagen na infectie
    • Na 8 à 9 dagen ofwel herstel, ofwel sterfte
    • Bij overlevende dieren kan soms een chronisch ziektebeeld ontstaan.
  • Geeft gewoonlijk een vrij ernstig ziektebeeld en is vaak een langdurig probleem
  • In geval van ernstige besmettingen kan acute sterfte zonder symptomen voorkomen
  • Wordt vooral gezien bij oudere dieren
  • Hoog percentage zieke dieren en veel sterfte.
  • Is de meest voorkomende vorm van coccidiose.
  • Geeft langdurige, subklinische coccidiose met vooral effect op technische resultaten en licht verhoogde sterfte of verhoogde uitval door selectie
  • Veroorzaakt gewichtsverlies en waterige diarree
  • Wordt vaak gezien bij vleeskuikens van 4 – 6 weken leeftijd.
  • Symptomen gewoonlijk iets minder ernstig dan E. tenella en E. necatrix
  • Slechte productieresultaten en verhoogde mortaliteit
  • Aanwezigheid van gestold bloed en afgestoten darmslijmvliezen in de excreten.
  • Wordt vooral gezien bij oudere dieren
  • Geeft subklinische coccidiose met vooral effect op technische resultaten, verhoogde mortaliteit
  • Vermagering, bleekheid, ruw verenkleed, geen eetlust.
  • Zorgt vooral voor verminderde technische resultaten, bleekheid, verminderde eileg, inductie van de rui.

Tot op vandaag blijft coccidiose één van de economisch meest belangrijke ziekten bij pluimvee.

Diagnose

De aard van de klinische problemen met ondermeer de aanwezigheid van bloed in de mest kan een eerste indicatie voor coccidiose vormen. Om de diagnose te stellen is echter lijkschouwing nodig. Men stelt dan de darmletsels vast met daarin de aanwezigheid van de parasiet. De juiste localisatie in de darm, het uitzicht van de letsels en de vorm van de oöcysten (Figuur 10) laten vervolgens toe om de betrokken Eimeria soort te identificeren.

E. tenella

Letsels ter hoogte van de caeca

Ernstige bloederige ontstekingsletsels, vaak met zwarte, caecale kern van gestold bloed, afgestoten weefsel en oöcysten.

Bloederige ontstekingsletsels

Figuur 2: Bloederige ontstekingsletsels in het cecum (MSD Animal Health Belgium).

Aangetaste caecum

Figuur 3: Links een aangetaste caecum, gevuld met een grote cecale kern, rechts een niet-aangetaste caecum (MSD Animal Health Belgium).

E. necatrix

  • Letsels in het middenste deel van de dunne darm
  • Spectaculaire, haemorrhagische letsels in het middelste deel van de dunne darmen, vaak met sterke darmdilatatie (“ballooning”)

Ballooning dunne darm
Figuur 4: Ballooning van de dunne darm (MSD Animal Health Belgium).

Bloederige ontstekingsletsels
Figuur 5:
Bloederige ontstekingsletsels (MSD Animal Health Belgium).

E. acervulina

  • Letsels in het eerste deel van de dunne darm
  • Vrij herkenbare grijswitte stippen, vlekken of strepen zijn zichtbaar op het buitenste oppervlak van de darmwand.

Stippen op de darmwand
Figuur 6: Karakteristieke grijswitte stippen op de darmwand (MSD Animal Health Belgium).

E. brunetti

  • Letsels gewoonlijk gelokaliseerd tussen dooierzak divertikel en cecale ingang; soms uitbreiding richting cloaca (en in de caeca)
  • Gaande van bleke, verdikte mucosa, soms met petechiën, tot necrose van de mucosa in erge gevallen.

Darm met kleine puntbloedingen
Figuur 7: Bleke darm met kleine puntbloedingen (MSD Animal Health Belgium).

E. maxima

  • Letsels in het middenste deel van de dunne darm (ontwikkelt in het jejunum, kan uitbreiden tot de rest van de dunne darm);
  • Gekarakteriseerd door aanwezigheid van veel slijm, grijswitte stippen op de buitenzijde van de darmwand, bloeduitstortingen en darmdilatatie.

Bloed in de dunne darm
Figuur 8:
Aanwezigheid van slijm en bloed in de dunne darm (MSD Animal Health Belgium).

Darmdilatatie en bloeduitstortingen
Figuur 9:
Darmdilatatie en bloeduitstortingen (MSD Animal Health Belgium).

Oöcysten onder de lichtmicroscoop

Figuur 10: Uitzicht van oöcysten onder de lichtmicroscoop (meerdere soorten samen aanwezig) (MSD Animal Health Belgium).

Behandeling en Preventie

  • Behandeling: Aangetaste tomen kunnen behandeld worden maar op het moment van behandeling zal het voor bepaalde dieren al te laat zijn. Bovendien is het negatieve effect op de prestaties van de dieren op dat ogenblik al gebeurd. Daarom is het beter om te focussen op preventie door toepassen van een goed management, door toedienen van coccidiostatica en of door te vaccineren.
  • Management maatregelen kunnen helpen in de preventie van coccidiose:
    • Contact van de kippen, het voer en water met de faeces vermijden onderbreekt de ontwikkelingscyclus van coccidiose. Bijvoorbeeld wanneer kippen op draadrooster worden gehouden, komen ze minder in contact met mest waardoor de verspreiding van oöcysten sterk wordt afgeremd
    • De ondergrond droog houden vertraagt de rijping van oöcysten en dus de spreiding van coccidiose
    • Een lagere bezettingsdichtheid van kippen leidt tot lager aantal oöcysten per oppervlakte-eenheid en dus tragere spreiding van coccidiose
    • Onmiddellijk starten van therapie bij coccidiose-uitbraken vermijdt dat de omgeving zwaar met oöcysten beladen wordt, hetgeen een gevaar voor de volgende ronde zou kunnen betekenen.
    • Goed schoonmaken van de stal tussen de ronden met als doel de mest met de oöcysten te verwijderen. Na het schoonmaken kan aanvullend ammoniak worden gebruikt.
  • Coccidiostatica aan het voer toevoegen verlaagt de infectiedruk:
    • Coccidiostatica zijn geneesmiddelen die aan het voeder van kippen worden toegevoegd. Ze vertragen de vermeerdering van de parasieten of doden ze af.
    • De circulatie van stammen met resistentie tegen coccidiostatica vormt sinds jaren een groot probleem. Ondanks de aanwezigheid van coccidiostatica in het voeder kunnen de kippen dan toch nog coccidiose ontwikkelen.
    • Manieren om resistentievorming te vertragen zijn:
      • Gebruik van een rotatie programma: men gebruikt dan een coccidiostaticum slechts enkele ronden na elkaar. Daarna schakelt men over naar een ander product
      • Gebruik van een shuttle programma: tijdens de productieronde gebruikt men afwisselend verschillende coccidiostatica.
  • Vaccinatie:
    • Vaccins stimuleren het afweersysteem van de kip om bescherming tegen coccidiose op te bouwen
    • Het gaat steeds om levende vaccins gebaseerd op zogenaamde Precocious-stammen. Dit zijn stammen die in het dier een kortere ontwikkelingscyclus hebben dan de veldstammen. De vaccinstammen vermeerderen dus wel in de kip, maar veroorzaken veel minder letsels dan de veldstammen
    • De opgebouwde bescherming is Eimeria-specifiek. Er wordt dus enkel bescherming opgebouwd tegen de Eimeria soorten die in het vaccin zitten.
    • De vaccins worden steeds op jonge leeftijd toegediend
    • Zowel vleeskuikens, leghennen als ouderdieren kunnen worden gevaccineerd
    • Vaccineren biedt als voordelen dat geen preventieve geneesmiddelen moeten worden gebruikt, waardoor ook geen resistentie optreedt en men zich geen zorgen hoeft te maken over residuen
Banner Farmer Vet Picture
Contacteer uw dierenarts
Een vraag? Een probleem met uw dier, uw bedrijf?

Denk aan uw dierenarts, hij is er om u te helpen